Terug naar overzicht

10 verlichtingtrends voor 2026

In 2026 blijft de verlichtingsbranche zich razendsnel ontwikkelen. In een wereld die steeds digitaler en bewuster wordt, speelt verlichting een belangrijke rol in hoe we ruimtes ervaren. Met het vormgeven van onze visuele beleving, het beïnvloeden van welzijn en het bijdragen aan duurzaamheid. Men ziet verlichting niet langer als louter functioneel, maar als een dynamisch samenspel van esthetiek, technologie en milieu verantwoordelijkheid. Hieronder bespreken we de tien meest prominente verlichtingstrends voor 2026. Elke trend wordt toegelicht met context, voorbeelden en waar mogelijk visuele voorbeelden.

1. Licht als beleving, bijna als kunstvorm

Waar we in 2023 al zagen dat designverlichting steeds vaker een vaste plek krijgt in het totaalconcept, en in 2024 ook weer ruimte ontstond voor echte eyecatchers door het “less is more” denken, gaat 2026 nog een stap verder. Licht wordt niet alleen iets dat je aanzet, maar iets dat je ervaart. Het voegt spanning toe met schaduw, reflectie en gelaagdheid, en het kan een ruimte letterlijk “laten bewegen” zonder dat je daarvoor veel nodig hebt.

Op beurzen als Light + Building zie je dat heel duidelijk terug in thema’s waar magie en techniek samenkomen. Denk aan armaturen die spelen met reflecties, subtiele beweging, een bijna onwerkelijke glow en zintuiglijke effecten. Het gaat niet om hard spektakel, maar om een slim ontworpen lichtbeeld dat sfeer bouwt en je blik stuurt.

2. Human Centric Lighting

Deze trend loopt bij ons al een paar jaar mee. In 2023 schreven we al over de focus op de mens, en in 2024 werd Human Centric Lighting echt een herkenbaar onderwerp binnen projecten. Inmiddels zie je in 2026 dat het steeds minder “extra” is, en steeds vaker een uitgangspunt. Zeker in omgevingen waar mensen veel uren achter elkaar verblijven, zoals kantoorverlichting, onderwijs en zorgverlichting

De kern is simpel. Licht doet meer dan alleen zichtbaarheid verbeteren. Door de lichtkleur en intensiteit mee te laten bewegen met het dagritme, maak je een ruimte prettiger om in te werken, te leren of te herstellen. Overdag iets frisser en actiever, later op de dag warmer en rustiger. In 2025 benoemden we dit al duidelijk als circadiane verlichting, en die lijn zet in 2026 gewoon door.

Belangrijk detail. Dit werkt pas echt goed als je het ook goed kunt regelen. Daarom zie je Human Centric Lighting vaak samen opkomen met lichtsturing. We koppelen dynamische verlichting aan (draadloos) stuurbare systemen zoals DALI en Casambi, zodat je per zone of per scene kunt dimmen en bijsturen. Dan wordt het geen trucje, maar een logisch onderdeel van een lichtplan op maat.

Human Centric Lighting

3. Geconnecteerde verlichting

Slimme verlichting is geen “nieuwe” trend meer. In 2023 noemden we slimme verlichting al als duidelijke ontwikkeling, met bediening via apps, spraak en sensoren. In 2024 werd dat concreter met draadloos stuurbare verlichting en systemen als DALI en Casambi. In 2025 schoof de aandacht door naar IoT-integratie en zelfs AI in verlichting. In 2026 kun je dus gerust zeggen dat smart lighting steeds vaker de standaardlaag in een project wordt, in plaats van een extraatje.

Wat er wél verandert, is de ervaring. Het onderscheid zit niet meer in “kun je het met een app bedienen”, maar in hoe onopvallend het werkt. Minder handmatig finetunen, meer logica op de achtergrond. Denk aan automatische aanpassing op basis van aanwezigheid, tijd van de dag en daglicht. En aan scenes die kloppen met het gebruik van de ruimte. Dat maakt lichtsturing ineens niet alleen een technische keuze, maar ook een manier om comfort en energieverbruik slim samen te brengen.

Op beurzen zie je bovendien dat verlichtingssystemen steeds meer data-gedreven worden. Niet alleen dimmen en schakelen, maar ook monitoren, bijsturen en vooruitkijken. Denk aan sensoren die helpen met het afstemmen van lichtniveaus, het ondersteunen van welzijn en het plannen van onderhoud. In retail zie je daarbovenop toepassingen waarbij verlichting dynamisch meebeweegt met wat er gepresenteerd wordt. Dat is precies waar AI in de praktijk landt.

4. Modulaire verlichting

In 2026 zie je steeds vaker dat verlichting wordt opgebouwd uit slimme bouwstenen. Niet omdat “modulair” een hip woord is, maar omdat ruimtes nu eenmaal veranderen. Een winkel krijgt een nieuw thema, een kantoor wisselt van indeling, een hospitality concept draait mee met seizoenen. Dan wil je niet opnieuw beginnen, maar doorbouwen op wat er al hangt.

Die lijn sluit mooi aan op wat we eerder al benoemden. In 2025 werd de vraag naar maatwerk en een lichtplan op maat duidelijk groter. Modulaire systemen maken dat maatwerk ook praktisch. Je ontwerpt een basis die klopt, en je houdt ruimte om later te schuiven, uit te breiden of juist te versimpelen.

Wat we op beurzen en in projecten terugzien, is dat fabrikanten die flexibiliteit steeds makkelijker maken. Denk aan railsystemen en klikconcepten waarin je spots, pendels of lineaire modules kunt wisselen zonder het hele plafond open te trekken. Een trackrail met goed gekozen armaturen is daar een heel logisch voorbeeld van. Je kunt accenten verplaatsen als het interieur wijzigt, zonder dat het lichtbeeld inlevert op rust en kwaliteit. En er zit nog een voordeel aan. Modulair werken helpt ook bij duurzaamheid. Als je een systeem kunt aanpassen met componenten, hoef je minder snel te vervangen. Dat past bij de beweging die we al langer zien richting slimmer omgaan met materialen en levensduur.

In de praktijk draait het dus om een lichtplan dat meegroeit. Een sterke basis met basisverlichting, aangevuld met accentverlichting op plekken die mogen veranderen. En als je het goed ontwerpt, blijft het geheel ook na aanpassingen kloppen in sfeer, balans en comfort.

Welkoop Zierikzee Lixero

Het seizoensplein van Welkoop verandert 4x per jaar. De trackspots kunnen gemakkelijk opnieuw gericht worden op de artikelen.

5. Nieuwe benadering van duurzaamheid

Duurzaamheid is in 2026 niet meer iets dat je “meeneemt als het uitkomt”. Het is een randvoorwaarde. En dat zie je ook terug in de lijn van de afgelopen jaren. In 2023 lag de nadruk vooral op energie-efficiëntie en “planet proof” keuzes. In 2024 ging het een stap verder en kwam circulaire verlichting echt in de spotlight, met aandacht voor hergebruik en grondstoffen die niet als afval eindigen. In 2025 werd het nog duidelijker verwoord. Duurzaamheid is geen trend meer, maar een vereiste.

Wat er in 2026 bij komt, is dat het gesprek breder wordt. Het gaat niet alleen over zuinigheid, maar ook over materiaalkeuze, productie en levensduur. Op beurzen zie je meer natuurlijke en biobased materialen opduiken, en ontwerpen die gemaakt zijn vanuit reststromen. Niet omdat het “groen moet voelen”, maar omdat het simpelweg slimmer is om materialen langer in de keten te houden.

Daarom zie je ook meer focus op remontabel ontwerpen. Armaturen die je kunt openen, repareren en upgraden. Drivers en LED-modules die vervangbaar zijn. En systemen die je niet na vijf jaar hoeft af te schrijven omdat één onderdeel faalt. Die manier van denken past bij hoe wij er zelf ook naar kijken. Licht moet langer mee kunnen, en aan het einde van de rit moet je er weer iets mee kunnen.

Voor ons is Yuugn daar een mooi voorbeeld van. Circulaire armaturen die 3D-geprint worden van gerecycled PETG, en die opnieuw te recyclen zijn. En het is precies de reden waarom we in oktober 2025 de Groene Pluim hebben ontvangen, als erkenning voor duurzaam én sociaal ondernemen. Dat zien we niet als eindpunt, maar als bevestiging dat deze koers klopt, en dat we hem moeten blijven doorzetten in ontwerp, productie én de keuzes die we samen met partners maken.

Lixero Yuugn 3D-printen materiaal (6)

Circulaire grondstoffen voor het 3D-printen van onze Yuugn armaturen.

6. Het jaar van vakmanschap

Deze trend voelt als een logisch vervolg op wat we de afgelopen jaren al zagen. In 2023 was “design” duidelijk meer dan alleen functioneel, en in 2024 zorgde less is more juist voor ruimte om één uitgesproken armatuur echt te laten werken. In 2026 zie je dat veel ontwerpers die rust combineren met materialen waar je het handwerk nog in terugziet. Denk aan glas met textuur, keramiek, geweven structuren, metaal met patina, en armaturen die net niet perfect willen zijn. Precies dat maakt ze interessant.

Op beurzen zoals Euroluce kwam dit ook sterk naar voren in samenwerkingen tussen designers en makers. Porselein, mondgeblazen glas en textieltechnieken worden niet verstopt, maar juist ingezet om een zachter lichtbeeld en meer gelaagdheid te creëren. Het resultaat is verlichting die niet alleen “past”, maar ook iets toevoegt aan het verhaal van de ruimte. Daarbij zie je in 2026 ook meer heritage chic. Klassieke vormen en vintage armaturen komen terug, vaak met moderne techniek erachter. Het leuke is dat dit heel goed samengaat met een strak interieur. Juist als de basis rustig is, mag één lamp karakter hebben.

Wat in de praktijk helpt, is dezelfde gedachte als bij een goed lichtplan. Je bouwt eerst een solide basisverlichting, en je kiest daarna één of twee plekken waar je een armatuur als statement neerzet. Dan blijft het comfortabel en klopt de beleving, zonder dat het druk wordt.

7. Statement lighting

Deze trend zien we eigenlijk al een paar jaar opbouwen. In 2023 kwam decoratieve verlichting duidelijker naar voren als onderdeel van het interieurconcept.  En in 2025 zagen we hoe belangrijk gelaagde verlichting is om zo’n statement ook echt te laten werken. In 2026 is het punt bereikt waarop verlichting vaker bewust “mag opvallen”. Niet als ruis, maar als ontwerpkeuze.

Wat je veel terugziet, zijn armaturen die bijna als object in de ruimte hangen. Groot van schaal, sculpturaal van vorm, soms met onverwachte materialen of een opvallende afwerking. Denk aan een hanglamp die de lobby of eettafel ordent, of een armatuur dat letterlijk het midden van het concept markeert. Dit werkt vooral goed als de rest van het plan rustig is. Dan voelt zo’n blikvanger als een logisch ankerpunt, in plaats van als losse toevoeging.

Die combinatie is typisch 2026. Aan de ene kant statement pieces. Aan de andere kant subtiele integratie, zoals lijnverlichting en ledstrips die de architectuur net een zachte gloed geven, bijvoorbeeld langs wanden, in een koof of achter een hoofdbord. Met een strak basislicht en goed geplaatste accentverlichting maak je ruimte voor één lamp die het verhaal vertelt, zonder dat het comfort of het lichtniveau inlevert.

Ook qua uitstraling wordt het breder. Naast zwart en minimalisme zie je meer kleur, speelsere kappen en afwerkingen die karakter toevoegen. En designklassiekers komen terug in een moderne jas, met led en soms zelfs draadloos. Dat maakt het makkelijker om een vleugje nostalgie toe te voegen zonder concessies te doen aan techniek en gebruik.

Tichelarij Venlo Lixero

8. Onzichtbaar licht

Minimalisme blijft in 2026 een sterke basis, zeker in architectuur en high end interieurs. Alleen gaat het niet meer om “zo min mogelijk armaturen”, maar om “zo min mogelijk visuele ruis”. Het licht is er wel, maar het armatuur verdwijnt naar de achtergrond. Je ziet vooral het effect, niet de techniek. Dat zie je terug in de groei van lijnverlichting en zachte glow lines. LED-strips in kooflijsten, onder meubels, langs trappen of plinten die een ruimte net wat meer diepte geven. Dit soort verlichting maakt architectuur leesbaar, en het werkt ook praktisch als oriëntatie in de avond of nacht.

Daarnaast wordt de integratie steeds strakker. Trimless inbouwspots, minimalistische downlights en microspots die wegvallen in plafond en wand. Vooral in combinatie met goede optiek en afscherming, zodat je het licht prettig ervaart en niet in de bron kijkt. Hier komt techniek om de hoek kijken, maar wel op een manier die het ontwerp ondersteunt. Denk aan lage UGR waarden, flikkervrij dimmen en armaturen die tot heel laag niveau mooi blijven.

Wat we ook vaker terugzien, is eerlijk materiaalgebruik en afwerkingen die opgaan in het geheel. Geen opvallende randen of glimmende accenten, maar rustige kleuren en vormen die passen bij het interieur. Op beurzen zoals Light + Building werd dat al neergezet als een duidelijke richting. Niet overdadig, wel doordacht. In de praktijk werkt deze trend het best als onderdeel van een goed lichtplan. Je kiest bewust waar licht mag verdwijnen, en waar je toch accenten wilt leggen op materiaal, kunst of routing. Dan blijft de ruimte rustig, terwijl het lichtbeeld wel spannend genoeg is om sfeer en functie te dragen.

Ledstrips mooi weggewerkt in de koof.

9. Binnen wordt buiten

Buitenruimtes worden in 2026 steeds vaker ontworpen als volwaardig onderdeel van het totaalconcept. Terras, patio, daktuin of tuinkamer. Het is niet meer “er moet nog een lamp buiten”, maar “hoe voelt deze plek in de avond”. Daardoor schuift buitenverlichting op van puur functioneel naar een combinatie van sfeer, comfort en slimme aansturing.

Je ziet dat de binnentrends één op één mee naar buiten gaan. Decoratieve armaturen die je net zo goed binnen zou kunnen toepassen. Dimbaar licht om de sfeer te sturen. En slimme koppelingen met daglicht en aanwezigheid, zodat het automatisch klopt wanneer je buiten zit, en ook wanneer je naar binnen gaat.

Technisch wordt er ook meer verwacht. Weerbestendigheid is een basis, met armaturen die ontworpen zijn voor regen, wind en UV. Een IP65 of hoger zie je daardoor steeds vaker als uitgangspunt. En ook lichtvervuiling krijgt meer aandacht. Meer gericht naar beneden, minder strooilicht en tijdschema’s die automatisch dimmen of uitschakelen als het echt niet nodig is. Dat is prettig voor de omgeving, en het past bij de bredere beweging richting bewuster omgaan met energie. Zo wordt buitenverlichting niet alleen mooier, maar ook makkelijker toepasbaar.

10. Draagbare en multifunctionele lampen

Draagbare verlichting is in 2026 niet meer weg te denken. Oplaadbare tafellampen en draadloze vloerlampen maken het makkelijk om sfeer te creëren, zonder dat je eerst hoeft na te denken over stopcontacten en kabels. Je zet het licht neer waar je het nodig hebt, en je verplaatst het net zo snel weer mee. Binnen, buiten, aan tafel, op een dressoir of op het terras.

Wat je vooral ziet, is dat deze lampen volwassen zijn geworden. Het zijn niet langer “handige gadgets”, maar serieuze designobjecten die echt iets toevoegen aan een ruimte. Met meerdere lichtstanden, dimbaarheid en soms zelfs een warmere avondstand die rustiger aanvoelt. In horeca werkt dit perfect, omdat je per tafel snel sfeer kunt maken, en omdat je buiten ook flexibel blijft zonder vaste aansluitpunten.

Multifunctionaliteit speelt hierin mee. Sommige ontwerpen combineren licht met een extra functie, of zijn zo ontworpen dat ze overdag een decoratief object zijn en in de avond hun rol als lichtmaker pakken. Dat past bij hoe we in 2026 naar ruimtes kijken. Meubels en armaturen moeten niet alleen mooi zijn, maar ook meebewegen met gebruik. Er zit wel een kanttekening aan. Accuduur en lichtoutput moeten kloppen met de toepassing. Voor intieme sfeer is het vaak perfect, maar voor echt functioneel werklicht blijft vaste verlichting meestal de basis. Daarom werkt draagbaar licht het best als aanvulling.

Arkoslight Yoru

Verlichtingstrends 2026

De verlichtingswereld van 2026 kenmerkt zich door een rijke wisselwerking tussen esthetiek, technologie en duurzaamheid. Van abstracte lichtervaringen en gezondheid gerichte verlichting tot intelligente systemen en ambachtelijke pronkstukken. Elke trend speelt in op de veranderende behoeften van een veeleisend publiek dat zowel technisch als creatief is onderlegd. Innovaties getoond op beurzen als Light + Building en Euroluce bevestigen dat lichtontwerp steeds holistischer wordt. Het verbindt vorm met functie, emotie met efficiëntie. Voor professionals betekent dit een spannende tijd waarin vernieuwing de norm is. Deze tien trends bieden een leidraad en inspiratiebron om omgevingen te creëren die niet alleen goed verlicht zijn, maar ook betekenisvol verlicht. Dus met aandacht voor mens, milieu en prachtige ontwerpen.

Vrijblijvend een offerte aanvragen?

Wij gaan graag de uitdaging aan!

Benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen? Neem contact met ons op of laat uw gegevens achter, wij nemen binnen een werkdag contact met u op.

Maurice Arons

Directeur